Den HelderPolitiek

Portret van een raadslid: Pieter Blank

In deze serie interviews spreken wij iedere zaterdag met een ander gemeenteraadslid. In dit deel: Pieter Blank van PvdA Den Helder

Ik had er al wel eens van gehoord maar ik was er nog nooit geweest: De botanische tuin Hortus Overzee in Den Helder. Ik heb er afgesproken met Pieter Blank, fractievoorzitter van de PvdA en daarnaast voorzitter van het bestuur van de Hortus. “Hier besteed ik eigenlijk alle tijd die ik naast mijn werk heb, als ik niet voor de raad bezig ben dan”, vertelt Pieter terwijl we over een slingerend paadje door de tuin heen lopen. Op dat moment komt er net een schoolklasje met basisschoolleerlingen voorbij. “Kijk dat is ook leuk, we hebben nu een echte botanicus in dienst die ze van alles kan leren.”

Geheime tuinen
Het is echt verrassend groot die botanische tuin. En dat terwijl je er zo langs zou rijden zonder ooit te weten dat het er zit. Het is namelijk aan alle kanten rondom met huizen beschermd, met alleen een kleine ingang aan de Soembastraat. We lopen langs kassen en mooi verzorgde tuinen en nemen uiteindelijk plaats bij de Japanse tuin. “Dit is misschien wel het meest bijzondere stukje van de Hortus”, vertelt Pieter. “De Japanse tuin is ongeveer twintig jaar geleden ontworpen en aangelegd onder leiding van twee professoren: Nakamura en Amasaki uit Kyoto.” Vlak na ons gesprek ontving de Hortus nog een officiële onderscheiding vanuit de Japanse ambassade. Het bankje waar we op zitten kijkt uit over een vijver waarin grote koikarpers soms langs zwemmen.

“Het is een prachtig proces zo’n Japanse tuin. Het niet zomaar een kwestie van aanplanten. Je moet alles rustig laten groeien, hier en daar wat bijknippen, maar je moet je er toch niet teveel mee willen bemoeien.” Daar zit wel ergens een mooie metafoor in verstopt denk ik, die mag eenieder zelf interpreteren. Voor de Hortus heeft het proces van natuurlijke groei ook een prettige bijkomstigheid: “Het is toch wel een beetje een soort geheim gebleven allemaal. Ik denk als het er allemaal in één keer had gestaan en je meteen tienduizend bezoekers zou krijgen het bijzondere er een beetje vanaf zou gaan. Natuurlijk zijn we een toeristische attractie, en we verwelkomen graag iedereen, maar dat het wat verstopt is en een beetje rustig past wel heel goed.”

Zelf is Pieter al vanaf het begin en nu dertig jaar betrokken bij de Hortus. “Toen de kwekerij hier stopte hebben we met de gemeente gepraat en gekeken of we hier een mooie botanische attractie van konden maken. De kassen stonden hier al en die konden we overnemen. Daarnaast was het ook een maatschappelijk project. Mensen met afstand van de arbeidsmarkt konden en kunnen hier nog steeds werken. Dit kun je zien als een soort opstapje naar een vaste baan. Langzaam maar zeker is het gegroeid en zoals je ziet hebben we nu een prachtige tuin met enorm veel gepassioneerde medewerkers.”

Richting en uitvoering
Net als de Hortus is langzaam ook zijn maatschappelijke betrokkenheid gegroeid. De stap naar de politiek zette hij eerst bij D66, maar later bleek de PvdA voor hem toch een betere keuze. “Het ging daarbij om idealen. Ik kan mij gewoon beter vinden in de ideeën van de PvdA.” Die idealen zijn belangrijk voor Pieter, en volgens hem is er onvoldoende aandacht voor in de gemeenteraad. “Politiek gaat over het overbrengen van ideeën en idealen. Partijen en poltici moeten komen met een boodschap, wij zijn geen uitvoerders. Wij geven de lijnen mee aan het college en de ambtenaren, we geven richting en we moeten controleren of die richting gevolgd wordt, maar we hoeven ons niet te buigen over elke uitvoering van door ons gemaakt beleid.”

Ik begrijp het goed wanneer Pieter stelt dat er te veel wordt gedebatteerd over de specifieke invulling van beleid, terwijl er specialisten binnen het ambtelijk apparaat zijn die over enorm veel kennis beschikken. De vraag moet zijn: Past de uitvoering binnen het beleid dat wij hebben opgesteld, en niet steeds: Is de uitvoering wel exact zoals wij voor ogen hadden. “Als je signalen krijgt uit de gemeenschap moet je die natuurlijk samenbrengen tot een punt waarop je kunt sturen. De kwestie die Pieter Omtzigt bijvoorbeeld naar buiten heeft gebracht gaat over de uitvoering maar voornamelijk over de verkeerde richting die wordt gegeven aan die uitvoering. Op dat soort zaken moet je als raad dan uiteraard ingrijpen.”

Gaat het goed met Den Helder?
Hoe gaat het dan met de richting van Den Helder? Veel mensen zeggen dat het goed gaat, maar Pieter is het daar niet volledig mee eens. Hij is verdeeld: “Het gaat goed als je kijkt naar de feitelijkheid van de verandering. Samen met de Woonstichting en Zeestad is er veel bereikt. Als grote voorbeeld de Beatrixpromenade, de Plint, Willemsoord, De Kampanje en de bibliotheek. Maar de perceptie van de inwoners is toch echt anders, kijk maar naar de lage opkomsten bij de gemeenteraadsverkiezingen. Dus de fysieke verandering vertaalt zich nog niet in dat waar het werkelijk om gaat; en dat is toch een positieve verandering in het leven van onze inwoners.”

Om die vertaalslag te maken moet er volgens Pieter bewust worden gestuurd op die variabelen. Vertrouwen in de politiek en opkomstcijfers bijvoorbeeld. Hij noemt dit een strategische visie. “Dat is ook een beetje een pleidooi naar een volgende raad en een volgend college: Bijt je niet teveel vast in die nota’s en de begrotingen. Je kunt niet door ergens een zinnetje of een bedrag te veranderen echt een verschil maken. Je moet bij jezelf blijven en bedenken wat wil je nu bereiken met het beleid dat je maakt. Vanuit welk ideaal, en waarom? En ga geen gesprek in de raad uit de weg.”

Participatie
Ook het gesprek met de inwoners is belangrijk. Ik heb overigens ook nog geen raadslid ontmoet die zegt: ‘Het maakt me niet uit wat die inwoners zeggen’, maar toch. Pieter ziet participatie als één kant van een driehoek: “Je hebt de gemeenteraad, de professionals uit het ambtelijk apparaat en de inwoners. De relatie tussen die drie partijen is nog vaak onduidelijk. Wat ik wel weet is dat het begint bij een open gesprek. Ik vind het daarom ook echt een vreemde zaak dat wij als gemeente externe partijen inhuren om participatietrajecten uit te voeren. Blijkbaar kunnen we als gemeentelijke organisatie niet zelf met onze inwoners in gesprek. Dan heet het ook opeens een ‘ontwerpfestival’ en geen participatie maar ‘co-creatie’: Geleuter van de bovenste plank. Alsof je met een kleuterklasje bewoners bezig ben, dan sta je meteen op min vijf. De eigenzinnige Helderse bewoner zegt echt niet: ‘We gaan vanavond lekker naar het ontwerpfestival.’ Het is management geleuter.”

“Het gaat om een volwassen proces tussen volwassen mensen met verschillende ideeën en belangen. Daarom moet je als raadslid ook kunnen zeggen: ‘We hebben u gehoord, maar we gaan een andere kant op ten aanzien van een breder belang.’ Sommige raadsleden die hameren op participatie vergeten dat soms; dat participatie niet automatisch betekent dat iemand ook gelijk heeft. Kijk bijvoorbeeld naar de situatie bij station Zuid en het Rehorstpark. Iedereen wil dat park behouden, maar dat betekent niet dat er geen mooie oplossing te vinden is waarbij hier en daar wat bebouwing komt.”

Den Helder is nog niet af
Pieter is binnenkort zelf ook onderhevig aan democratische besluitvorming. De gemeenteraadsverkiezingen komen er aan en hij stelt zich gaag weer beschikbaar als raadslid, want Den Helder is nog niet af. De uiteindelijke beslissing over de kieslijst ligt bij een interne commissie van de PvdA. “Ik zou graag nog bevestigen wat we allemaal hebben ingezet de afgelopen twintig jaar. Het is nu een kwestie van verzekeren. We moeten opletten dat we niet terugvallen en dus doorpakken. We zijn al druk bezig met het verkiezingsprogramma en er is bijvoorbeeld heel prominent plaats voor vernieuwing van de oude woonbuurten. Daarnaast willen we aandacht besteden aan jeugdzorg en woningen voor jongeren. Corona heeft laten zien hoe belangrijk jongerenbeleid is.”

“Ik ben nu fractievoorzitter, daar ben ik erg trots op, maar in die rol moet je ook kijken wanneer het tijd is om dat over te dragen aan een jongere generatie. Als ik dit nog vier jaar zou mogen doen zou het moment wel daar zijn om in iedergeval een stapje terug te doen. Eenzelfde filosofie hanteer ik ook in mijn werkende leven. Ik ben nu innovator bij de marine en centraal staat het overbrengen van de kennis en kunde die ik de afgelopen tientallen jaren heb opgedaan. Dat gebeurt ook op natuurlijke wijze en het is fijn als je zo die cirkel rond kunt maken. Je voegt je in die rol. Het laatste wat ik wil is dat er wrijving ontstaat. Als je ziet dat mensen, in de politiek of in hun werk, ergens jarenlang zitten om vervolgens met ruzie weg te gaan is dat enorm schrijnend. Ik hoop daarom op positieve wijze, met gedrevenheid en optimisme, een verschil te blijven maken voor de inwoners.”

Toon meer

Stijn Vos

Stijn Vos is werkzaam als politiek verslaggever bij Regio Noordkop. E-mail: stijn@regionoordkop.nl

Wellicht ook interessant

Reageer op dit bericht

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Back to top button