Defensie wil vastgoed clusteren, Den Helder blijft essentieel

Den Helder – Staatssecretaris Christophe van der Maat heeft afgelopen week bekend gemaakt dat het ministerie van Defensie van plan is om meerdere kleinere kazernes te sluiten en samen te voegen op één grotere locatie ergens centraal in het land. Voor de marinebasis in Den Helder lijkt er niets te gaan veranderen: De staatssecretaris noemt de Helderse haven ‘onmisbaar’.

Al langere tijd staat vast dat er iets moet gebeuren met het vastgoed van Defensie. De vastgoedportefeuille betreft bijna 10.000 gebouwen verdeeld over meer dan 350 locaties. Veel van die gebouwen zijn ook nog eens verouderd. Dit heeft gevolgen voor het functioneren van de eenheden: “Op dit moment ondersteunt ons vastgoed de operationele inzetbaarheid onvoldoende. Samenwerkende eenheden zijn bijvoorbeeld versnipperd door het hele land geplaatst en werken in verouderde gebouwen die veelal met een ander doel zijn gebouwd dan waar ze nu voor worden gebruikt. Ook is de ondergrondse infrastructuur, van netwerken tot riolering, niet geschikt voor het huidige gebruik”, zo schrijft Van der Maat.

Clusteren en verduurzamen
De staatssecretaris wil dat verschillende locaties samengevoegd worden. Allereerst wordt daarvoor gekeken naar bestaande grote locaties met ontwikkelruimte. De kleinere kazernes kunnen wellicht bij een grotere locatie worden gevoegd. Zo zal de Johan Willem Friso kazerne in Assen moeten sluiten en het personeel daar verhuizen naar een kazerne in het Drentse Havelte. Daarnaast verkent Van der Maat de mogelijkheid om “diverse ondersteunende eenheden te concentreren op een nieuw te bouwen kazerne op een centrale plek in het land”. Naast de verhuizingen heeft het vastgoed ook modernisering en verduurzaming nodig.

De strategische ligging en de faciliteiten rondom de marinehaven in Den Helder maken dat deze locatie, samen met bijvoorbeeld de oefen- en
schietterreinen, vliegvelden en kernlocaties voor de gevechtsbrigades van de Landmacht, niet ter discussie staan: “Deze locaties zijn veelal essentieel om onze eenheden operationeel gereed te houden”, zo valt te lezen in de Kamerbrief. Er zijn nog geen officiële besluiten genomen, maar Defensie gaat wel al in gesprek met de regio’s waarop de plannen betrekking hebben.