Hollands KroonPolitiek

“De stolp verdient veel meer aandacht, zorg en een betere bescherming”

Raadsleden Buczynski en Eichhorn op de bres voor stolpboerderijen op gemeentelijke monumenlijst

Anna Paulowna – Hollands Kroon kent wel bijzondere gebouwen die beschermd zijn als Rijks- of provinciaal monument, maar een gemeentelijke monumentenlijst heeft de gemeente nog niet. Daar komt binnenkort verandering in. De gemeente is ervan overtuigd dat binnen haar gemeentegrenzen unieke panden staan die op een dergelijke lijst thuis horen. Hollands Kroon roept dan ook haar inwoners op obijzondere gebouwen voor te dragen op het platform denkmee.hollandskroon.nl Dit kan tot en met 31 augustus. Twee raadsleden van Hollands Kroon, Sylvia Buczynski (PvdA) en Jan Eichhorn (GroenLinks) hebben zo hun eigen voorkeur voor gebouwen die juist in deze regio niet misstaan op de gemeentelijke monumentenlijst : de stolpboerderij. Of als het aan Jan Eichhorn ligt alle stolpboerderijen.

Sylvia Buczynski is de gelukkige bewoner van een bijzonder gebouw in haar dorp. “Toevallig woon ik zelf in een ‘monumentaal’ pand; het voormalige dorpscafé van Haringhuizen. De achterkant van ons pand heeft weliswaar de vorm van een stolp, maar aan de voorkant loopt de gevel in een punt. Het is dus geen stolp. In de omgeving, bijvoorbeeld in Valkkoog, zijn een paar panden van hetzelfde ontwerp. Sinds het moment dat ik er ben komen wonen, in februari 1991, heeft het gebouw een bijzondere betekenis voor me. Het was een ware ‘ontdekkingsreis’: een rijke geschiedenis, waarbij elke fase sporen heeft achtergelaten.”

Het pand waarin Buczynski anno 2020 bijna 30 jaar woont, is rond 1875 gebouwd, nadat de vorige, eeuwenoude herberg door brand was verwoest. “We hebben stukken aardewerk, tegels en glas uit allerlei perioden gevonden. Het oudste is een spinsteentje zoals ze in de veertiende eeuw gebruikt werden. De gevel, waarvan de ramen getoogde bovenlichten en bakstenen hanenkammen hebben, met de gesneden daklijst, windveren en makelaar, paneeldeur met gietijzeren roosters, verdient het om in volle glorie behouden te blijven”, zo vertelt de bewoonster van het pand overtuigd.

Dorpsstraat 19 in Haringhuizen, anno 1920.
Dorpsstraat 19 in Haringhuizen, anno 1920.

Beeldbepalend en prominent
Volgens Buczynski hoeft niemand die het dorp binnenkomt geattendeerd te worden op dit historische pand. “Het is beeldbepalend en prominent aanwezig in het midden van het dorp”, aldus de bewoonster, die het altijd leuk vindt om iets over de bouwwijze, de praktische indeling en de geschiedenis te vertellen.

“Ooit was het een belangrijke ontmoetingsplek door de dansavonden, optredens, recepties, verenigingen en kermis. Sinds het café ophield te bestaan (1979), werd de oude doorrijstal, die vastzit aan het gebouw en sindsdien in handen is van een stichting, verbouwd tot dorpshuis waar nog steeds allerlei activiteiten plaatsvinden.” De ‘Oude Stal’ zit weliswaar vast aan het huis, maar is destijds apart verkocht aan de gemeente (toen Niedorp), die deze op haar beurt weer aan de stichting heeft overgedragen om er een dorpshuis van te maken. “Toen is ook de deur tussen de doorrijstal en het café verdwenen. Het vormt dus geen eenheid meer en de stal is ook niet in dezelfde, oorspronkelijke stijl verbouwd.”

Buczynski verwijst tot slot naar het boek Monumentaal Niedorp. “Misschien aardig om inwoners hier ook attent op te maken. In 2004 is een architectuurhistorische inventarisatie in de gemeente Niedorp verschenen. In dit boek zijn alle bijzondere, beeldbepalende gebouwen opgenomen. Naast Rijks-, Provinciale en gemeentelijke monumenten ook een heleboel panden zonder officiële status, onder andere een aantal stolpboerderijen aan de Heerenweg in Barsingerhorn. Wat mij betreft verdient de stolp veel meer aandacht en zorg. Deze voor onze streek zo kenmerkende boerderijen verdwijnen helaas in rap tempo.”

Alle stolpboerderijen
Het andere raadslid, Jan Eichhorn, heeft al vele jaren zijn zinnen gezet op een gemeentelijke monumentenlijst. “Eerst als lid van de monumentencommissie, later als raadslid. Veel van mijn moties en amendementen zijn verworpen, totdat er opeens wél voldoende voorstemmers waren. Het lijkt er nu dus eindelijk van te komen”, klinkt het tevreden uit de mond van Eichhorn, die zelf niet één specifiek gebouw kan benoemen die zijn absolute voorkeur heeft.

“Er zijn zóveel waardevolle monumentale panden die het waard zijn om beschermd te worden, dat ik daaruit niet één pand kan noch wil kiezen. Ik ga voor alle stolpboerderijen in onze gemeente”, aldus Eichhorn, die aangeeft dat stolpboerderijen al heel lang zijn bijzondere belangstelling hebben.

Noordhollandse stolpboerderij aan de Westfriesedijk, rijksmonument.
Noordhollandse stolpboerderij aan de Westfriesedijk, rijksmonument.

Stevige discussies
“In 1987/1988 hebben Marjorie Pigge en ik in het kader van onze geschiedenisstudie een inventarisatie van boerderijen in de toenmalige gemeente Barsingerhorn gedaan. We hebben in totaal vijftig stolpboerderijen bestudeerd en beschreven. Wij hoopten dat het inventariseren een eerste aanzet zou zijn om te komen tot behoud en bescherming van waardevolle gebouwen die nog niet op een monumentenlijst stonden vermeld.”

En zoveel jaar na dato is daar nog steeds de bovengemiddelde interesse voor de stolp. “Ik vind het heel leuk om wanneer we langs een stolp fietsen te bepalen wat voor type het is en wanneer zij waarschijnlijk is gebouwd. Dat is niet altijd even makkelijk, bijvoorbeeld omdat gevels zijn vervangen waardoor de stolp jonger lijkt dan zij is. Of omgekeerd, de stolp is gehistoriseerd en lijkt ouder dan zij is. In een stolp uit de negentiende eeuw is dan bijvoorbeeld een gevel gezet die lijkt op een gevel uit de achttiende eeuw. Dit levert vaak stevige discussies op tijdens het fietsen!”

Doodzonde
Na deze terugblik komt het verhaal over de stolpboerderij pas echt op gang en spreekt de passie. “Het proces van stolpvorming is al in de zestiende eeuw in volle gang. Sindsdien zijn stolpboerderijen kenmerkend en beeldbepalend in het Noord-Hollandse landschap. Veel stolpen zijn in de loop der jaren dermate aangepast aan de moderne bedrijfsvoering dat hun oorspronkelijke karakter verlo­ren is gegaan. In veel gevallen is de relatie van de stolpen tot de omgeving ver­stoord door de aanwezigheid van nieuwe bijgebouwen, zoals loop- en ligstallen, mestsilo’s en koel­huizen”, zo meent Eichhorn, die aangeeft dat er steeds minder stolpboerderijen zijn.

“Door het ontbreken van een beschermde status worden stolpen verwaarloosd. Als voorbeeld noem ik de voormalige jazzboerderij van Max Teeuwisse in Den Oever, tot voor kort gemeentelijk eigendom. Er branden ook vaak stolpboerderijen af. Dat is doodzonde”, betreurt Eichhorn.

Rijksmonument Kreil 30.
Rijksmonument Kreil 30.

Interessante bouwwerken
Stolpboerderijen zijn interessante bouwwerken, zo vertelt Eichhorn stellig. “De plattegrond is nagenoeg vierkant en ze hebben allemaal een kenmerkend piramidedak, vaak met riet gedekt. Op het eerste gezicht lijken ze er ongeveer hetzelfde uit te zien, maar toch zijn er grote verschillen. De stolp kent meerdere typen, waarvan de West-Friese stolp en de Noord-Hollandse stolp de meest voorkomende zijn.”

Eichhorn: “De nokrichting en de manier waarop de lange regel (koestal), de korte regel (jongvee, paarden, kaaskamer), het woonhuis en de dars zijn gerangschikt rond het vierkant (hooiopslag) zijn afhankelijk van het type stolp. Bij langhuisstolpen is geen verband tussen de richting van de nok van het stolpdak en de ligging van de stal, zoals bij de West-Friese en de Noord-Hollandse stolp wel het geval is. De stolpen op Wieringen zijn vaak onvolledige stolpen: één van de elementen ontbreekt. Veel Noord-Hollandse stolpen zijn eind van de negentiende eeuw gebouwd en hebben een dubbel vierkant, waardoor de basisvorm rechthoekig is: de verlengde Noord-Hollandse stolp.”

Bij sommige boerderijen is het woongedeelte uitgebouwd, zodat het niet helemaal onder het stolpdak is opgenomen. “Dit wordt het vooreind genoemd. Andere boerderijen hebben een uitgebouwde koestal, de zogeheten staart. Er zijn boerderijen die zowel vooreind als staart hebben. In stolpboerderijen staan de koeien paarsgewijs tussen schotten met de koppen naar de buitenmuur gericht. Dit is een verschil met Zuid­-Hollandse stallen, waar de koeien met hun koppen naar de koegang staan. Achter de koeien bevindt zich de mestgoot, de groep. Er valt natuurlijk nog veel meer over stolpboerderijen te vertellen, maar laat ik proberen mij in te houden”, zo klinkt het bijna verontschuldigend.

GroenLinks vindt het belangrijk dat de gemeente eigenaren van monumentale panden motiveert, adviseert en steunt bij het in stand houden van hun pand. “Het college wil van ieder soort monumentaal gebouw één of twee exemplaren beschermen. Gezien het grote aantal typen stolpboerderijen en hun karakteristieke en beeldbepalende plek in het Noord-Hollandse landschap zou het niet voldoende zijn als er maar twee stolpen op de monumentenlijst terechtkomen. Stolpen verdienen een betere bescherming!”, zo besluit Eichhorn.

Toon meer

Yvonne de Groot

Mijn naam is Yvonne de Groot, geboren en getogen in Den Helder. Ik ben werkzaam als politiek verslaggever bij Regio Noordkop.

Wellicht ook interessant

Back to top button