Den HelderPolitiek

Definitieve invulling Vinkenterrein laat op zich wachten

Den Helder – Het college van B&W geeft te kennen op zeer korte termijn opnieuw een bestuurlijk overleg met WSDH/Helder Vastgoed te willen organiseren om toch tot een overeenkomst te komen inzake de invulling van het Vinkenterrein en daarmee onder meer de realisatie van een replica van een zaagmolen en het vergroten van achtertuinen van aangrenzende woningen. De gemeentelijke besluitvorming wordt uitgesteld naar november 2020.

Het uitstel kent ook voordelen. “Het geeft ons de mogelijkheid elementen die door de tijdsdruk in het geding dreigden te komen aandacht te geven en eerdergenoemde vervolgafspraken alsnog invulling te geven. Zo zullen nu eerst de omwonenden ingelicht worden over de stand van zaken”, aldus het college. “Er is immers sinds eind 2017 met de omwonenden niet meer over de plannen gesproken. Dit was omdat we wilden wachten tot er helderheid was over het bereiken van overeenstemming met WSDH/Helder Vastgoed en daarmee over de realisatie van de molen, het verplaatsen van de speelkooi en de mogelijkheid om wel/niet de tuinen te kunnen vergroten langs de Sluisdijkstraat.”

Zaagmolen
De raadscommissie Stadsontwikkeling en Beheer heeft in februari 2019 diverse scenario’s besproken voor de ontwikkeling van het Vinkenterrein. Het meeste draagvlak bleek te zijn voor het vergroten van de achtertuinen van de Ruyghweg, Janzenstraat en Sluisdijkstraat, een replica van de zaagmolen te realiseren, een werkplaats voor het buurtbedrijf te realiseren, heemtuinen te realiseren dan wel diverse initiatieven voor woningbouw in verschillende typen en voor verschillende doelgroepen te realiseren. Een gefaseerde realisatie in verband met onzekerheid over de financiering van de molen was een optie. Bovendien was nog nader onderzoek nodig naar de haalbaarheid van een molen in relatie tot de andere gewenste functie.

Sinds april 2019 is aan de totstandkoming van deze uitgangspunten gewerkt. Hierbij blijkt inderdaad dat de molen zeer bepalend is voor de omvang en positionering van de woningbouw en daarmee het stedenbouwkundig plan. Uitgangspunt voor de gemeente is een molen die werkt op wind, bezoekbaar is en geen slagschaduw geeft op gevels van woningen (zowel bestaand en nieuw). Een werkende molen blijkt vanuit geluidseisen op 50 meter afstand te moeten staan van woninggevels. De realisatie van de molen dicteert de samenwerking met WSDH/Helder Vastgoed, aangezien zij de enige partij is die het onrendabel deel daarvan wenst te dragen.

Uitstel door coronacrisis
Door deze molen en de hiermee samenhangende samenwerking met WSDH/Helder Vastgoed is een aantal van de overige uitgangspunten onder druk komen te staan, namelijk de realisatie van de nieuwbouwwoningen en de tuinvergroting langs de Sluisdijkstraat. Voor de Ruyghweg en de Janzenstraat is deze vergroting wel mogelijk. Ook het initiatief in het kader van Collectief Particulier Opdrachtgeverschap (CPO) vanuit de buurt blijkt door WSDH/Helder Vastgoed niet mogelijk te zijn, vanwege de aanzienlijke onrendabele top die de realisatie van het plan al met zich meebrengt. WSDH/Helder Vastgoed wenst de volledige woningbouw zelf te realiseren en daarnaast de volledige kwaliteitscontrole over het gebied hebben.

Verder is gesproken over de inpassing van de Heemtuin en het inpassen van het buurtbeheerbedrijf. Ook de onmogelijkheid van het realiseren van het CPO-project diende nog nader toegelicht te worden aan de initiatiefnemers. Door de Coronacrisis konden de vervolgafspraken, inclusief het inlichten van omwonenden, op deze punten niet adequaat ingevuld worden.

Eindbod niet geaccepteerd
Op basis van alle elementen is lange tijd tussen gemeente en WSDH/Helder Vastgoed onderhandeld over de ruimtelijke uitgangspunten en de financiële consequenties, waarbij ook moest worden gelet op het voorkomen van staatssteun voor de woningbouwontwikkeling. Na diverse overleggen tussen partijen heeft dit geleid tot een eindbod van WSDH/Helder Vastgoed op 6 mei 2020. Hierin wordt naar de mening van het college op diverse cruciale aspecten afgeweken van eerder besproken uitgangspunten en daarmee kan het eindbod op dit moment niet geaccepteerd worden

Gelet op tijd die reeds is verstreken om tot sluitende exploitatie te komen is het college zich terdege bewust van de urgentie om tot een positief resultaat te komen. Met de tijdsdruk die er op ligt, mag de zorgvuldigheid niet wijken. Het college meent dat vervolgoverleg met WSDH/Helder vastgoed tot een zorgvuldig en goed voorstel moet leiden. Daarmee kan het eerder afgesproken traject (college 19 mei 2020, commissie 8 juni 2020 en raad 29 juni 2020) niet gehaald worden en zal dit traject worden verplaatst naar november 2020.

Trefwoorden
Toon meer

Yvonne de Groot

Mijn naam is Yvonne de Groot, geboren en getogen in Den Helder. Ik ben werkzaam als politiek verslaggever bij Regio Noordkop.

Wellicht ook interessant

Reageer op dit bericht

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Back to top button
Close